ENGLISH
  Korte termijnopdrachten 2010
Home
 
 
Onderzoek
Jaarplan
Publicaties
 
 
Partners
Netwerk
 
 
Nieuwsbrief
Agenda
Vacatures
 
 
Contact
 
 
Links
  • Ad-hocprojecten voor 2010
    • project 1: Harmonisering van begrippen en procedures binnen regelgeving beleidsdomein WVG
    • project 2: Ontwikkeling indicatoren in het kader van pact 2020
    • project 3: Ontwikkeling instrumentarium zorgintensiteit
    • project 4: Uitgebreide impactanalyse van dienstencheques op woonzorg-voorzieningen

Harmonisering van begrippen en procedures binnen regelgeving beleidsdomein WVG

Situering
Dit onderzoek is een vervolg op een lopend onderzoeksproject binnen het Steunpunt WVG rond het overheidsinstrumentarium in de zorgsector. Vanuit dit project wordt gezocht naar een meer intersectoraal toepasbaar instrumentenkader. Hierbij staat de harmonisering van begrippen en procedures binnen de regelgeving van het beleidsdomein WVG centraal.
Het voorgestelde, geharmoniseerde instrumentenkader wordt onderworpen aan de internrechtelijke en Europees-rechtelijke toets. De onderzoekers gaan na in hoeverre de instrumenten kunnen worden gehanteerd rekening houdend met:

  • de internrechtelijke bevoegdheidsverdeling
  • het bestuursrechtelijke kader (wettelijke normen van rechtsbescherming en algemene beginselen van behoorlijk  bestuur)
  • het Europeesrechtelijke kader, dat in casu voornamelijk gevormd wordt door het vrij verkeer (waaronder de dienstenrichtlijn) en in beperktere mate de mededinging (waaronder de regels inzake staatssteun).
Doelstelling
Er wordt een voorstel ontwikkeld tot uniform basisinstrumentarium voor het Vlaamse zorgbeleid, met aandacht voor een sectoroverkoepelend luik van inhoudelijke en procedurele basisnormen verbonden aan de instrumenten. Er zal ook een aanzet komen tot een bestuurlijk onderdeel van een overkoepeld decreet rond de zorgorganisatie/zorgsturing.

Methode

  • Studie van wetgeving en doctrine rond het bestuurlijk recht binnen WVG
  • Studie van kwaliteit van wetgeving
  • Opstellen van een overkoepelend basiskader van instrumenten met procedurele en inhoudelijke basisnormen gekoppeld aan de instrumenten

Onderzoeker:Dr. Vanessa Verdeyen
Promotor:Prof.dr. Johan Put

Terug naar top

     

Ontwikkeling indicatoren in het kader van pact 2020

Situering
Het Pact 2020 bevat 20 doelstellingen om Vlaanderen naar de top van Europa te leiden. Met betrekking tot de zorg worden zes doelstellingen naar voren geschoven:

  • In 2020 voorziet Vlaanderen in een toegankelijk en betaalbaar kwaliteitsvol aanbod aan hulp- en zorgverlening, dat toereikend is in het licht van de zich wijzigende maatschappelijke behoeften en sociaaldemografische ontwikkelingen.
  • Bij de organisatie van het volledige hulp- en zorgcontinuüm staan in 2020 efficiëntie, effectiviteit en daardoor de kwaliteit vanuit het oogpunt van de gebruiker centraal.
  • Eerstelijnszorg- en thuiszorg zijn in 2020 versterkt.
  • Het ontstaan van groepspraktijken wordt gestimuleerd.
  • In de gehandicaptenzorg, de geestelijke gezondheidszorg en de ouderenzorg is er in 2020 voldoende aanbod gecreëerd.
  • Voor minstens de helft van de kinderen tot 3 jaar worden in 2020 formele en kwaliteitsvolle vormen van kinderopvang aangeboden.
Om de realisatie van deze doelstellingen kwaliteitsvol op te volgen, is er nood aan een evaluatie van de huidige kernindicatoren die gehanteerd worden in de nulmeting en de te ontwikkelen indicatoren uit te werken.

Doelstelling
Evalueren van bestaande kernindicatoren en uitwerken van de te ontwikkelen indicatoren

Methode
Er zullen verschillende onderzoeksmethoden gehanteerd worden: literatuurstudie, focusgroepen met experten uit het departement WVG en uit de verschillende sectoren.

Promotor: Prof. Dr. Chantal Van Audenhove
Copromotor: Dr. Koen Hermans

Terug naar top

     

Ontwikkeling instrumentarium zorgintensiteit

Situering
In het kader van de implementatie van de toegangspoort dienen de nodige instrumenten te worden ontwikkeld. Eén van die instrumenten moet in het kader van indicatiestelling op een zo uniform mogelijke manier de zorggradatie/zorgintensiteit te bepalen. Het instrument moet toegepast kunnen worden in de praktijk van VAPH en Jongerenwelzijn.

Doelstelling
In kaart brengen welke instrumenten inzake zorggradatie en zorgintensiteit beschikbaar zijn in het Nederlandstalig zorglandschap en het internationaal zorglandschap.  Deze instrumenten zullen ingeschaald worden op verschillende dimensies zoals bruikbaarheid, betrouwbaarheid, validiteit, ….

Methode
Dit zal via een literatuurstudie en interviews gebeuren. Door middel van interviews van sleutelfiguren uit beide sectoren zal onderzocht worden welke de verwachtingen zijn van zo ‘n instrumentarium en welke de valkuilen zijn. De onderzoekers willen zo ook zicht krijgen op het reeds gebruikte instrumentarium (voordelen nadelen, gebruiksvriendelijkheid, toepasbaarheid in andere zorgdomeinen, …). Op basis van gegevens verkregen uit de interviews zullen voorwaarden voor een instrumentarium geformuleerd worden, alsook aanbevelingen en voorstellen met betrekking tot het instrument dat aan alle voorwaarden tegemoet komt.

Promotor: Prof. Dr. Johan Vanderfaeillie
Copromotor: Prof. Dr. Chantal Van Audenhove

Terug naar top

     

Uitgebreide impactanalyse van dienstencheques op woonzorg-voorzieningen

Situering
Dit onderzoek onderzoekt de plaats van de dienstencheque in de woonzorgvoorzieningen in Vlaanderen en de impact daarvan op de werkingsvoorwaarden van de reguliere voorzieningen.

Het vertrekt van de vaststelling dat minister Vandeurzen volgens zijn beleidsnota de impact van de evolutie van een toenemend gebruik van de dienstencheque in zijn sectoren wil bewaken vanuit het oogpunt van kwaliteit van de zorg en de toegankelijkheid van het aanbod enerzijds. Anderzijds was er ook op federaal niveau het initiatief van minister Milquet m.b.t. invoeren van stelsel van sociale dienstencheques.

Doelstelling
Volgende onderzoeksvragen worden voorgelegd aan de onderzoeksequipe :

  1. Markt- en actoranalyse. Welke woonzorgvoorzieningen (zowel thuiszorg- als ouderenvoorzieningen) hebben een werking uitgewerkt met dienstencheques? Welke niet-woonzorgvoorzieningen (interimbureaus, Dienstenthuis, ...) hebben dit gedaan?
  2. Impact analyse hiervan op de diensten gezinszorg en aanvullende thuiszorg enerzijds en de diensten voor logistieke hulp anderzijds.

Methode
De markt- en actoranalyse vertrekt van de secundaire analyse van zowel relevante rapporten op nationaal vlak als van beschikbare informatie over de dienstencheque-activiteiten binnen de RVA en de RSZ. De onderzoekers willen bij deze diensten ook aanvullende analyses opvragen, weliswaar op geaggregeerd niveau. De mogelijkheid wordt ook verkend om geanonimiseerde individuele gegevens te krijgen. Ook de informatie beschikbaar bij de reguliere diensten is relevant om na te gaan wat de impact kan zijn op het profiel van de gebruiker van reguliere diensten. Een secundaire analyse van een bevraging bij een steekproef van genieters van de mantelzorg wordt gedaan om na te gaan wat het gebruik van reguliere gezinszorg en aanvullende thuiszorg, logistieke hulp en hulp via dienstencheques verklaart.

Om de impact op de voorzieningen te bestuderen wordt een stakeholderdialoog gepland waaraan verschillende groepen voorzieningen via de geëigende methodiek een kwalitatieve inventaris opmaken van de raakvlakken tussen welzijns- en gezondheidsdiensten en de dienstencheque-activiteiten. Zowel aanbieders (reguliere voorzieningen, interimsector, andere aanbieders), gebruikers, vakbonden als controle-instanties worden uitgenodigd. Op basis daarvan wordt een elektronische bevraging (websurvey)  georganiseerd van een representatief set van voorzieningen om de impact te kwantificeren.

Promotor: Prof. Dr. Jozef Pacolet, HIVA- K.U.Leuven

Terug naar top

     

   
PBWeb © 2007
Logo KULeuven Logo Lucas Logo UGent Logo VUB Logo KHK Logo Steunpunten