ENGLISH
  Onderzoek > Kencijfers en monitoring > Ouderen
Home
 
 
Onderzoek
Jaarplan
Publicaties
 
 
Partners
Netwerk
 
 
Nieuwsbrief
Agenda
Vacatures
 
 
Contact
 
 
Links

Achtergrond en situering

Het aantal ouderen stijgt gestaag in de westerse wereld. Vlaanderen vormt hierin geen uitzondering. Tegen 2050 zal 28% van de Vlaamse bevolking ouder zijn dan 65 jaar (17.8% in 2005) (Pelfrene, 2005), terwijl slechts 19,5% jonger zal zijn dan 20 jaar (22% in 2005). De meerderheid van de ouderen is actief en in goede gezondheid en zorgt misschien zelf voor hun kleinkinderen of voor hun hoogbejaarde ouders. Niettemin ervaart een aantal ouderen toch problemen zoals een zwakke gezondheid, eenzaamheid of onveiligheidsgevoelens. Zij hebben nood aan hulp en/of zorg.

Deze demografische evoluties hebben uiteraard een impact op de samenleving als geheel. Twee verwante processen zijn hierin belangrijk. Het eerste proces betreft de toenemende prevalentie van langdurige beperkingen in de populatie, omwille van de langere levensverwachting en de proportionele toename van het aantal ouderen. Het tweede proces gaat over de druk die op de informele zorgsystemen ligt: transities zoals de evolutie naar kleinere gezinnen, grotere vrijheid voor vrouwen, gescheiden en meer aparte leefsituaties voor ouderen en arbeid buitenshuis zetten druk op de traditionele onbetaalde zorgsystemen. Een vermindering van de informele zorg – momenteel een dominante zorgvorm in de hele wereld – zou zonder twijfel gevolgen hebben voor de zorg die men ontvangt, maar ook financiële implicaties. Daarom is de zoektocht naar een effectief beleid voor de lange termijnzorg volgens de Wereld Gezondheidsorganisatie (WHO) één van de meest prangende uitdagingen voor de moderne samenleving (Brodsky et al., 2003). Deze trends versterken de nood aan goed gecoördineerde en kosten-effectieve lange termijnzorg.

Terug naar top

     

Doelstellingen
  • Bieden van een overzicht over de huidige situatie van ouderen in Vlaanderen
  • Bestuderen en vergelijken van verschillende doelgroepen met specifieke problemen, ouderen met gevoelens van onwelbevinden en ouderen met cognitieve problemen
  • Bestuderen van zorg- en begeleidingstrajecten over sectoren heen

Zoals elders in de wereld, neemt ook in Vlaanderen de vraag naar een effectief lange termijn zorgbeleid toe. De economische kost van meer institutionele zorg wordt als te hoog en onbetaalbaar beschouwd. Lange verblijven in het ziekenhuis blijken negatieve effecten te hebben (zie de ziekenhuisbacterie). Mensen blijken te verkiezen om thuis te blijven en om zo lang mogelijk gebruik te maken van thuiszorg, vooraleer te moeten kiezen voor residentiële zorg (Vanden Boer & Vanderleyden, 2004: 195; Van Meerbeeck, 2003: 69). Bovendien is het zorglandschap erg gefragmenteerd wat betreft geldstromen, zorgculturen en wetgeving. Om een kwaliteitsvolle op de persoon gerichte zorg te kunnen aanbieden, die betaalbaar en toegankelijk is, moeten de schotten opgeheven worden tussen zorgsectoren (voor verschillende doelgroepen), tussen formele en informele zorg, tussen acute en chronische zorg, tussen institutionele zorg en zorg in de gemeenschap, tussen ambulante zorg en ziekenhuiszorg, ... Een evenwichtig zorgmodel combineert elementen van zowel residentiële zorg als thuiszorg. Een dergelijk model biedt een geïntegreerd systeem van intergerelateerde diensten aan die gebaseerd zijn in de gemeenschap en dicht bij huis, inclusief diensten die thuiszorg aanbieden, moderne ziekenhuizen voor acute opnames en residentiële voorzieningen voor zorg op lange termijn.

Terug naar top

     

Onderzoeksmethode
  • Gap analyse
  • Cross-sectionieel onderzoek
  • Longitudinaal onderzoek

Gap analyse
Vooreerst wordt een overzicht gemaakt van alle bestaande databronnen, zowel wetenschappelijke (bijvoorbeeld het LOVO-onderzoek over de leefsituatie van ouderen, de Belgische data uit het internationale SHARE-onderzoek (Survey on Health, Aging and Retirement) en dergelijke meer) als administratieve. Vervolgens worden alle inconsistenties in de data in kaart gebracht. Wanneer twee bronnen verschillende cijfers verschaffen over hetzelfde topic, zullen we die inconsistentie onderzoeken en trachten uit te klaren. Tenslotte zal de gap analyse duidelijk maken welke data nodig voor het ondersteunen van beleid, (nog) niet beschikbaar zijn. De resultaten zullen de acties in de volgende jaren ondersteunen en leiden.


Cross-sectionieel onderzoek

We beschikken op dit moment reeds over een uitgebreide en nog steeds groeiende databank van 50.000 ouderen in Vlaanderen. Deze levert gegevens aan die op diverse manieren aangewend kunnen worden. Wanneer dat noodzakelijk blijkt, kunnen bijkomende data verzameld worden.

De vragenlijst is bovendien vertaald in, onder meer, Turks en Italiaans zodat ook gegevens over oudere migranten of asielzoekers verzameld kunnen worden. Bovendien worden momenteel in Italië en Nederland pilootstudies uitgevoerd met dezelfde vragenlijst en dezelfde methodologie. Andere landen toonden zich reeds geïnteresseerd om eveneens aan te sluiten. Dit zou ons toelaten om de Vlaamse data te vergelijken met data uit andere Europese landen.

lees meer

Longitudinaal onderzoek

Zoals reeds in de inleiding van dit voorstel werd geschetst, neemt het aandeel van de groep ouderen gestaag toe in Vlaanderen. Terwijl de meesten onder hen geen noemenswaardige problemen kennen, heeft een niet te verwaarlozen aantal toch problemen van onwelbevinden. De Nationale Gezondheidsenquête (http://www.iph.fgov.be/epidemio/epinl/crospnl/hisnl/his04nl/his21nl.pdf) toont bijvoorbeeld aan dat subjectieve gevoelens van slechte gezondheid toenemen met de leeftijd. Problemen van eenzaamheid, onveiligheidsgevoelens en depressie worden vaak aangehaald. Cross-sectionele statistieken zijn hierover wel beschikbaar (Nationale Gezondheidsenquête, Vlaams LOVO-onderzoek en andere), maar het inzicht in de wijze waarop mensen al dan niet omgaan met deze problemen, in de wijze waarop ze hulp zoeken en in de trajecten die ze afleggen, ontbreekt.

Daarom wordt een steekproef van 1200 ouderen opgevolgd, vanaf het moment dat zij hulp zoeken bij een thuiszorgdienst. Deze diensten bieden thuis niet-medische hulp, zoals huishoudelijke hulp, aan. Zij bereiken een groot aantal mensen van verschillende leeftijden en verschillende niveaus van hulpnoden en gezondheidsproblemen. Met de samenwerking van deze diensten kunnen we symptomen van onwelbevinden zeer vroeg detecteren, wat ons toelaat op verschillende manieren op te volgen, te evalueren en te interveniëren.

Ten eerste wordt er gescreend voor mogelijk risico op depressie. Dit laat toe na te gaan onder welke omstandigheden en voorwaarden onwelbevinden zich ontwikkelt tot een klinische depressie en hoe dit in een vroeg stadium kan worden voorkomen. De resultaten van het cross-sectioneel onderzoek van Dominique Verté voorzien ons per regio van algemene statistieken en een normgroep wat betreft onwelbevinden en subjectieve gezondheid.

Ten tweede willen we screenen voor cognitieve problemen. Ouderen met dementie vormen een groeiende groep die nood heeft aan uitgebreide en vaak gecompliceerde zorg. Momenteel is er zeer weinig bekend over de trajecten die deze mensen afleggen vanaf het moment dat zij cognitieve problemen krijgen tot op het einde van hun leven. Wel is bekend dat ongeveer 75% van de ouderen met dementie thuis verblijft, maar onbekend is welke zorg zij gebruiken en of die zorg inderdaad aan al hun behoeften voldoet. Het inzicht is ook beperkt in de omstandigheden waarin voor residentiële zorg wordt gekozen en of dit op dat moment ook werkelijk de beste optie is, zowel op persoonlijk vlak als beleidsmatig. Het doel van dit deel van het longitudinaal onderzoek is het bestuderen van de toegankelijkheid, de performantie, de efficiëntie en de effectiviteit van het zorgsysteem voor ouderen met dementie.

Voor dit onderdeel van het onderzoek zullen we samenwerken met Dr. Jan De Lepeleire van het Academisch Centrum voor Huisartsengeneeskunde van de K.U.Leuven, die ondermeer het Qualidem-onderzoek heeft geleid (http://www.ulg.ac.be/psysante/qualidem/p22.htm).

De regio’s waarin de steekproeven worden getrokken, zijn dezelfde als bij de andere doelgroepen (kinderen en jongeren, en volwassenen).

Afhankelijk van de resultaten van de gap-analyse kunnen vanzelfsprekend nog andere doelgroepen geselecteerd en gevolgd worden.

Ook bij de ouderen wordt een koppeling gemaakt op niveau van het individu van het zorggebruik in de welzijnssector, met het zorggebruik in de gezondheidszorgsector. Op deze wijze kunnen interacties tussen de 2 zorgsectoren duidelijk worden.

Terug naar top

     

Verwachte resultaten
  • Een gap- analyse: overzicht van alle relevante bestaande onderzoeks-databestanden en administratieve data die een beter inzicht toelaten in de informatie die al aanwezig is (overlap, redundantie en hiaten)
  • Het monitoren van het huidige beleid rond ouderen
  • Kencijfers over de maatschappelijke participatie van ouderen
  • Kencijfers over het onwelbevinden van ouderen
  • Kencijfers over de zorgtrajecten van ouderen met onwelbevinden
  • Inzicht in de omstandigheden en voorwaarden waarin onwelbevinden bij ouderen een klinische depressie wordt
  • Kencijfers over de zorgtrajecten van ouderen met depressie
  • Kencijfers over cognitieve problemen bij ouderen
  • Kencijfers over de zorgtrajecten van ouderen met dementie
  • Kencijfers over de effecten van hulpverleningstrajecten
  • Kencijfers over de ervaren baat en tevredenheid van de gebruikers van voorzieningen
  • Overzicht van overlappingen en hiaten in het huidige hulpverleningsaanbod
  • Analyses van bestaande registratiepraktijken- en systemen
  • Verbetertrajecten om registratiepraktijken en –systemen beter op elkaar af te stemmen en dit over de grenzen van de verschillende instanties en sectoren heen
  •  Nieuwe vormen van samenwerking om doorverwijspraktijken beter op elkaar af te stemmen
  • Verbetervoorstellen voor het verfijnen en verbeteren van de bruikbaarheid en de kwaliteit van registratiegegevens voor beleidsplanning

Terug naar top

Raadpleeg ook onze website www.steunpuntwvg.be/vozs

     

   
PBWeb © 2007
Logo KULeuven Logo Lucas Logo UGent Logo VUB Logo KHK Logo Steunpunten