|
LUCAS behandelt een grote diversiteit aan onderzoeksthema's en speelt in op de actualiteit en op het beleid in de Gezondheids- en Welzijnszorgsectoren. De thema’s en de opdrachtgevers zijn zeer verscheiden. De diversiteit kan weergegeven worden in zes onderzoekslijnen: de zorg voor ouderen, de geestelijke gezondheidszorg, de zorg voor personen met een handicap, de jeugdzorg, de welzijnszorg en de internationale solidariteit.
In het onderzoek over de zorg voor ouderen zijn er drie luiken: de thuiszorg, de residentiële zorg en de (mis)behandeling. De belangrijkste onderwerpen in de thuiszorg waren de voorbije jaren: de mantelzorg voor personen met dementie, 24/24u integrale dienstverlening, de leefsituatie van ouderen en hun kennis en gebruik van diensten, de stand van zaken over thuiszorg en ondersteuning van de thuiszorg in België, de meest geschikte omgeving voor ouderen met dementie. In de residentiële zorg voor ouderen handelde het onderzoek over de toepassing van de RAI, de kwaliteit van de zorg voor dementerende ouderen, fixatie-arme zorg, het huisdierenbeleid en de meest geschikte omgeving.
Een tweede onderzoekslijn waarbinnen LUCAS uiteenlopende projecten verwezenlijkt, betreft de geestelijke gezondheidszorg (GGZ). Er zijn twee hoofdthema’s: de langdurige zorg in de samenleving en de preventie en behandeling van depressie en suïcide in de eerste lijn. Enkele behandelde sleutelthema's zijn:
Langdurige zorg in de samenleving:
- De vermaatschappelijking van de GGZ
- De zorg voor psychiatrische patiënten in de thuissituatie
- Activering en arbeidsrehabilitatie
- De mantelzorg voor personen met ernstige en langdurige psychische problemen
- Beschut wonen in de GGZ
Preventie en behandeling van depressie in de eerste lijn
- De samenwerking tussen huisartsen en GGZ
- Deskundigheidsbevordering van huisartsen
- Stepped care
Ook andere aspecten van de geestelijke gezondheidszorg krijgen aandacht in LUCAS-onderzoek, bijvoorbeeld: patiëntenparticipatie, discriminatie, beeldvorming, indicatiestelling, shared decision making, eerstelijnsgezondheidszorg, preventie en behandeling van depressie.
De zorg voor personen met een handicap is in hoofdzaak het onderwerp van onderzoek verricht in opdracht van het Vlaams Fonds voor Sociale Integratie van Personen met een Handicap. Deze studies hebben betrekking op de bepalende factoren voor een keuze tussen thuiszorg en residentiële zorg, de werking en de toekomst van de gesubsidieerde organisaties die aangepaste vrijtijdsbesteding aanbieden en de pleegzorg voor personen met een handicap.
In de onderzoekslijn over jeugdzorg ligt de klemtoon op diagnostiek, case-management en de afstemming tussen vraag en aanbod.
De bestudeerde thema’s in de welzijnszorg lopen wellicht het meest uiteen: aanbod, kwaliteit en toegankelijkheid van de welzijns- en gezondheidszorg, zingeving in informele zorgrelaties, mobbing, ondergebruik van gezinzorg, enzovoort.
Ten slotte is er de onderzoekslijn omtrent internationale solidariteit. Tussen 2001 en 2004 werden twee studies in dat domein voltooid: één over de gevolgen van het asielbeleid voor het welzijn van de asielzoekers en één over de invloed van inleefreizen.
De indeling in zes onderzoekslijnen gaat grotendeels uit van het onderscheid in de doelgroepen van zorg. Dat ligt voor de hand, aangezien de organisatie en de financiering van zorg in Vlaanderen tot op heden sterk doelgroepspecifiek verloopt – wat dus ook geldt voor de financiering van onderzoek over zorg. Dat belet echter niet dat LUCAS oog heeft voor rode draden en algemene trends die over de schotten tussen zorgsectoren heen lopen. Ter illustratie noemen we twee centrale thema’s in LUCAS-onderzoek (die ook in de toekomst belangrijke aandachtspunten zullen zijn). Bij de uitwerking wordt veeleer op de parallelle ontwikkelingen dan op de verschillen tussen de sectoren gefocust.
Een eerste kernthema is de kwaliteit van de zorgrelaties in al zijn aspecten. Die is sterk bepalend voor de kwaliteit van de zorg en voor de haalbaarheid en de ‘houdbaarheid’ van mantelzorg. Één aspect is de belasting van de mantelzorg. Hoewel de bronnen van belasting kunnen verschillen naargelang het om de zorg van een persoon met psychische problemen, een persoon met een handicap of een oudere met dementie gaat, blijkt uit onderzoek het algemeen geldend belang van veerkracht en van positieve zorgfacetten. De tevredenheid met het zorgverlenen en de emotionele belasting worden bovendien sterk beïnvloed door de kwaliteit van de relatie tussen de mantelzorger en verzorgde – tot welke doelgroep die ook behoort. Bij het ontwikkelen van ondersteuningsstrategieën is die relatiekwaliteit daarom een enorme invalshoek.
Een tweede centrale problematiek is de organisatie van langdurige zorg. Keer op keer tonen studies in de verschillende zorgsectoren aan dat de overheid dringend moet gaan anticiperen op hindernissen die belemmerend zijn voor een gecoördineerde zorg-op-maat voor personen met een langdurige ziekte, handicap of beperking. Een goede kwaliteit van leven en een goede kwaliteit van zorg in de samenleving vereisen een meer volledige ondersteuning in de thuissituatie en een beter gecoördineerde en gecontinueerde hulpverlening. Zorgvernieuwing zal wellicht ook ontschotting betekenen. Dat is het wegwerken van schotten tussen de zorgsectoren, tussen de mantelzorg en de professionele zorg, tussen de preventieve en de curatieve zorg, enzovoort.
|