ENGLISH
  Nieuwsbrief 10 - januari 2010
Home
 
 
Onderzoek
Jaarplan
Publicaties
 
 
Partners
Netwerk
 
 
Nieuwsbrief
Agenda
Vacatures
 
 
Contact
 
 
Links

Een nieuw jaar!

wenskaart

     

2010 vol verwachinting

In het najaar van 2009 nodigde het Steunpunt Welzijn, Volksgezondheid en Gezin u via een studiedag uit om samen met zijn partners in beleid en praktijk even stil te staan bij ruim tweeënhalf jaar wetenschappelijk onderzoek in de domeinen Welzijn, Volksgezondheid en Gezin.

Dit stilstaan bracht meer inzicht in de onderzoeksopzet, de onderzoeksprocessen en de stand van zaken van de ruime waaier aan wetenschappelijk onderzoek dat het Steunpunt WVG uitvoert in opdracht van de Vlaamse minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin.
Het bracht ook vernieuwde energie met zich mee om in 2010 met enthousiasme en in voortdurende verbondenheid met het beleid en de praktijk zijn onderzoeksactiviteiten voort te zetten.
Het Jaarplan 2010 licht de onderzoeken,  initiatieven en werkpakketten toe die het Steunpunt dit jaar zal uitvoeren toe. Naast het intensief voortzetten van het longitudinaal onderzoek van het meerjarenprogramma kijken we samen met u nieuwsgierig uit naar de onderzoeksresultaten van zowel het meerjarenprogramma als van het ad hoc onderzoek.
Via beide vormen van onderzoek willen we nauw aansluiten op de kennisbehoeften van de Vlaamse overheid en de bevoegde minister. Het Steunpunt zal regelmatig via deze nieuwsbrief en –flitsen een tip van de sluier oplichten.

Op vraag van de Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin werd in het najaar van 2009 rond drie actuele en beleidsrelevante thema’s een kortetermijnonderzoek opgezet. Resultaten worden verwacht in het najaar van 2010.

Terug naar inhoud

     

3 onderzoeken in de kijker

Op vraag van de Minister van Welzijn, Volksgezondheid en Gezin werd in het najaar van 2009 rond drie actuele en beleidsrelevante thema’s een kortetermijnonderzoek opgezet. Resultaten worden verwacht in het najaar van 2010.

Evaluatie van Vlaamse preventieprogramma’s en -initiatieven

Het decreet van 21 november 2003 betreffende het preventieve gezondheidsbeleid is de leidraad voor heel wat initiatieven die aangestuurd worden door het Agentschap Zorg en Gezondheid. Het bereiken van gezondheidswinst op bevolkingsniveau is een belangrijk uitgangspunt. Dit gebeurt door initiatieven op het vlak van gezondheidsbevordering, ziektepreventie en een facettenbeleid. Op basis van gezondheidsconferenties worden onderbouwde en maatschappelijk gedragen voorstellen van gezondheidsdoelstellingen geformuleerd. Die voorstellen bevatten een beschrijving van de nodige of wenselijke strategieën en een simulatie van de middelen die nodig zijn voor de realisatie ervan. Via Vlaamse werkgroepen is de betrokkenheid van het werkveld en van diverse deskundigen bij de beleidsuitvoering gegarandeerd. Het preventiedecreet voorziet ook in een regelmatige rapportering aan de Vlaamse Regering en het Vlaamse parlement over de gezondheidsindicatoren en de stand van zaken m.b.t. de gezondheidsdoelstellingen.

De meeste en belangrijkste initiatieven op het vlak van preventie kaderen in een planmatig opgebouwd geheel en worden op een geïntegreerde wijze uitgevoerd. In die zin is er sprake van preventieprogramma’s. Die preventieprogramma’s vergen een investering in middelen vanuit de overheid en vanuit diverse andere private en publieke organisaties. Zicht krijgen op de doelmatigheid van die programma’s is belangrijk om keuzes te kunnen verantwoorden en om beleid bij te sturen waar nodig. Voor de continue bijsturing van het beleid en de preventieprogramma’s wordt de vraag gesteld of partners en projecthouders in het werkveld op een uniforme wijze kunnen ondersteund worden in hun evaluaties.

Dit onderzoek zoekt  antwoorden op vragen zoals: welke elementen van preventieprogramma’s moeten geëvalueerd worden? Welke gegevens moeten daarvoor minimaal beschikbaar zijn? Gebeurt dit best op Vlaams, locoregionaal of op het niveau van de uitvoerder? Door wie gebeurt dit best? Welke methodieken zijn het meest geschikt en haalbaar?

Onderzoeker: Ellen De Pauw
Promotor: Prof. Dr. Lea Maes
Copromotor: Prof. Dr. Ilse De Bourdeaudhuij

Terug naar inhoud

Hulpverleningstrajecten en –outcome in de bijzondere jeugdzorg

In Vlaanderen zijn er zeer weinig systematische studies over de hulpverleningstrajecten en –outcome van minderjarigen in de bijzondere jeugdzorg. In dit onderzoek willen we zicht krijgen op het voortraject van gezinnen met kinderen in de bijzondere jeugdzorg, het traject dat deze gezinnen binnen de bijzondere jeugdzorg aflegden (aard, aantal en duur van de maatregelen) en de effectiviteit van de hulp.
Met de registratiegegevens uit het registratiesysteem voor de verwijzende instanties van de bijzondere jeugdzorg (DoMiNo) als basis maken we een kwantitatieve analyse van de hulpverleningstrajecten van alle Vlaamse kinderen voor wie tussen 1 december 2008 en 30 november 2009 minstens één maatregel in de bijzondere jeugdzorg geregistreerd werd. De ontsluiting van deze registratiegegevens gebeurt in samenwerking met het Agentschap Jongerenwelzijn. Dit maakt het mogelijk de doelgroep van de bijzondere jeugdzorg te beschrijven, een analyse van het indicatiestellingproces te maken, meer inzicht te verwerven in de plaats van specifieke maatregelen (zoals pleeggezin en residentiële plaatsing) in het hulpverleningstraject en een typologie te maken van hulpverleningspatronen binnen de bijzondere jeugdzorg.

Een meer diepgaand onderzoek van hulpverleningstrajecten gebeurt via cases. Aan de hand van interviews met de ouders verzamelen we meer informatie over het traject dat deze gezinnen aflegden vóór ze in de bijzondere jeugdzorg terechtkwamen, de drempels die ze hierbij ondervonden en hun tevredenheid over de hulp die ze binnen bijzondere jeugdzorg kregen. Daarnaast gaan we via schriftelijke bevraging van de betrokken verwijzers de effectiviteit na van de georganiseerde hulpverlening.

Dit onderzoek leidt tot concrete beleidsaanbevelingen inzake processen van instroom, doorstroom en uitstroom in de bijzondere jeugdzorg waarbij zowel aandacht uitgaat naar objectieve maten (zoals aantal en duur van maatregels) als naar subjectieve beleving.

Onderzoeker: Femke Van Schoonlandt
Promotor: Prof. Dr. Hans Grietens

Terug naar inhoud

Screening van kandidaat-adoptieouders voor interlandelijke adoptie: een evaluatie

De evaluatie van de huidige screening van adoptieouders zoals uitgevoerd door de diensten voor maatschappelijk onderzoek van de CAW’s in het kader van de geschiktheidprocedure voor interlandelijke adoptie gevoerd voor de jeugdrechtbank, wordt opgezet naar aanleiding van ontevredenheid bij de betrokken partijen over de screeningsprocedure, het geschiktheidverslag en het geschiktheidsarrest of vonnis. Het onderzoek richt zich zowel op een beoordeling van de huidige screeningsprocedure als op het resultaat van deze screening.
In een eerste fase moet een literatuurstudie naar goed interlandelijk adoptieouderschap resulteren in een theoretisch raamwerk waartegen de inhoud van de bestaande screeningsprocedure wordt afgezet. De onderzoekers gaan hierbij na of de bevraagde risico- en protectieve factoren overeenstemmen met risico- en protectieve factoren zoals geïdentificeerd in het literatuuronderzoek. Daarnaast worden semigestructureerde interviews van medewerkers van diensten voor maatschappelijk onderzoek en een analyse van het gebruikte draaiboek ingezet om de screeningsprocedure procedureel doorlichten.
In een tweede fase gaat een retrospectieve dossieranalyse na welke risico- en protectieve factoren aanwezig zijn in de adviezen van de diensten voor maatschappelijk onderzoek. We zullen ook onderzoeken welke risico- en protectieve factoren geassocieerd zijn met het al dan niet volgen van het advies door de jeugdrechter, alsook welke argumenten jeugdrechters formuleren bij het al dan niet volgen van een advies.
Ten slotte worden de onderzoeksresultaten voorgelegd en besproken met vertegenwoordigers van de betrokken beroepsgroepen.

Onderzoeker: Tim Stroobants
Promotor: Prof. Dr. Johan Vanderfaeillie
Copromotoren: Prof. Dr. Johan Put

Terug naar inhoud

     

VoZs organiseert interviewerdag

Op vrijdag 7 mei 2010 organiseert de Vlaamse Ouderen Zorg Studie (VoZs) een feestelijke interviewerdag. Bijna 200 vrijwilligers uit de 8 onderzoeksregio’s van het Steunpunt Welzijn, Volksgezondheid en Gezin hebben zich het afgelopen jaar ingezet om bij 800 ouderen met cognitieve problemen en/of depressieve gevoelens thuis een vragenlijst af te nemen.
De inzet en motivatie van onze interviewers is voor de Vlaamse Ouderen Zorg Studie van bijzonder groot belang. Het zijn zij die ook de volgende jaren dezelfde ouderen op hun gemak zullen stellen en bevragen.Om hun belangeloze inzet en het sociaal engagement t.o.v. de hulpbehoevende ouderen in hun gemeente willen de onderzoekers van de Vlaamse Ouderen Zorg Studie de interviewers in de bloemetjes zetten. In de voormiddag stellen we de eerste resultaten van de Vlaamse Ouderen Zorg Studie voor. Hierbij willen we de link met het beleid duidelijk onderstrepen. In de namiddag voorzien we een thematische rondleiding met gids door Leuven. Meer informatie over VoZs: http://www.steunpuntwvg.be/vozs

Terug naar inhoud

     

Contactgegevens SWVG

U kan met het Steunpunt WVG contact opnemen via swvg@med.kuleuven.be of 016/33.70.70

Terug naar inhoud

     

   
PBWeb © 2007
Logo KULeuven Logo Lucas Logo UGent Logo VUB Logo KHK Logo Steunpunten